De kennis hierover is staande tot de Dag der Opstanding

144

Shaykh ‘Ubayd al-Djaabirie حفظه الله zei over al-Djarḥ wat-Ta’diel:

“Het misprijzen en het prijzen kent twee soorten. Als men wilt kunnen we zeggen dat deze kennis in zijn geheel twee soorten kent.

Een soort heeft betrekking op de overleveraars van de Aḥaadith en de mannen in de kettingen. Deze soort is beëindigd. De geleerden hebben dit voltooid en zijn hier klaar mee. Hetgeen enkel nu nog rest voor de mudjtahid is om deze kettingen van overleveraars te bestuderen, volgens de stelregels en definities die de geleerden hebben achtergelaten en bevestigd. Vervolgens geeft hij zijn oordeel over (de authenticiteit van) de ḥadieth.

Maar als het gaat over de mensen die uitspraken verspreiden en berichtgevingen overdragen dan is de kennis hierover staande tot de Dag der Opstanding. De noodzaak van de mensen aan deze kennis is voor altijd onlosmakelijk verbonden. De mensen hebben dit nodig. Hiertoe behoort de weerlegging op degene die afwijkingen (inzake van geloofskwesties) heeft, maar ook de prijzing van de getuigen in het bijzijn van een rechter. Het kent ook zijn rol in de omgang en transacties die plaatsvinden onder de mensen. De mensen zullen hier onvermijdelijk mee verbonden zijn.

Deze kennis zal lopende en blijvende zijn zolang de mensheid zal bestaan, totdat het uur zal aanbreken. Hetgeen wat plaatsvindt in de rechtszaal is getuigen hiervan. Waarlijk, het getuigt over de zondigheid of rechtschapenheid van personen. Het misprijst en prijst individuen. (Een ander voorbeeld is) inzake huwelijkskwesties waarin een man een aanzoek doet bij een vrouw om te trouwen. Waarop iemand hem prijst en getuigt dat hij iemand is die het gebed onderhoud en het vasten praktiseert, etcetera. Vervolgens komt er iemand anders die hem misprijst en zegt dat hij een agressief karakter heeft. Hoe vaak is het niet gebleken dat een vrouw in een scheiding terecht kwam door slechte ethiek en gedragingen van haar man. Hierdoor kan het zo zijn dat de voogd van deze vrouw die een huwelijksaanzoek kreeg haar niet meer laat trouwen met hem, en afstand neemt van hem. Dus de mensen zijn vandaag de dag gedwongen om het misprijzen en prijzen te omarmen.”

Bron: Geluidsopname van ‘al-Iedjaabaat al-Manhadjiyyah li as-ielatie ad-Dawrah ash-Shar’ieyyah bi Djaḍḍah’, 1423 na de emigratie.
Vertaald door Nordin Abu Mu’aawiyyah

DELEN