Behoort het weerleggen van de leiders vanaf de minbar tot de methodiek van de Salaf?

787

Shaykh ‘Abdul-‘Aziez bin Baaz

Vraag:
Behoort het weerleggen van de leiders vanaf de manaabir (meervoud minbar) tot de methodiek van de Salaf? En wat komt overeen met de methodiek van de Salaf als het gaat om het adviseren van de leiders?

Antwoord:
Het openbaar maken van de tekortkomingen van de leiders behoort niet tot de methodiek van de Salaf en leidt tot het bezighouden van de mensen met deze tekortkomingen, hetgeen niet zal baten of schaden. De weg die de Salaf in deze volgde was het onderling adviseren van de autoriteiten en het schrijven van brieven richting hen. Of door middel van het contact leggen met de geleerden die contact hebben met de leider zodat hij goede adviezen ontvangt. Maar als het neerkomt op het verwerpen van de munkar (de slechte daden) zonder de daders bij naam te noemen zoals de afkeer van ontucht, alcohol en woeker zonder de dader te noemen, dan is dit verplicht uitgaande van de algemene bewijzen. En het verwerpen van ongehoorzaamheid en het waarschuwen hiertegen zonder de daders hiervan te noemen, of het nou om de leiders gaat of om het gewone volk, is voldoende. Toen de fitna (beproeving) plaatsvond tijdens het leiderschap van ‘Uthmaan رضي الله عنه zeiden sommige mensen tegen Usaamah bin Zayd رضي الله عنه: Ga je ‘Uthmaan hier niet over spreken? Waarop Usaamah bin Zayd رضي الله عنه zei: “Denken jullie dat ik hem alleen adviseer als jullie het horen (dat wil zeggen als ik jullie heb bericht over het feit dat ik hem geadviseerd heb)? Ik spreek hem onder vier ogen zonder dat ik een onderwerp aansnijdt waar ik de eerste van zal zijn terwijl ik er niet van gediend ben om de eerste te zijn die het onderwerp aansnijdt.”

En toen die idiote khawaaridj de deur naar het slechte openden tijdens het leiderschap van ‘Uthmaan رضي الله عنه en zij Úthmaan openlijk verwierpen breidde de fitna, de oorlog en het verderf zich uit waarvan de mensen tot de dag van vandaag nog steeds de effecten van ondervinden. Zelfs de fitna tussen ‘Alie en Mu’aawiyah (is hierdoor ontstaan) waardoor ‘Alie en ‘Uthmaan رضي الله عنهم beiden werden vermoord. En een groot aantal van de metgezellen en anderen zijn gedood door de het openlijk vertonen van afkeer. En Riyaad bin Ghanm Al-Ash’arie heeft overgeleverd dat de Boodschapper van Allaah ﷺ heeft gezegd:

“Laat degene die de leider wil adviseren dit niet openlijk doen. Maar laat hij hem bij zijn hand nemen en onder vier ogen spreken. Mocht hij zijn advies accepteren dan is het beoogde doel behaald en anders heeft hij hetgeen voor hem verplicht is uitgevoerd.”

Wij vragen Allaah ons en onze broeders een staat van gezondheid en veiligheid tegen alle soorten slechtheden te schenken. Voorwaar, Hij is Alhorend, Verberend en moge de Tevredenheid van Allaah en Zegeningen met Mohammed, zijn familie en metgezellen zijn.

Bron: www.binbaz.org.sa/fatawa/1935
Vertaald door Abu Jaabir At-Turkie

DELEN